Klimaatalarm

21 November 2025

Klimaatalarm

21 november 2025: tien jaar na het klimaatakkoord van Parijs is de toestand alleen maar kritieker. Vijf ouderenorganisaties richten zich daarom tot de betrokken ministers met een klimaatalarm.  

Aan Vlaams klimaatminister Melissa Depraetere
en federaal klimaatminister Jean-luc Crucke

In 2015 ondertekende de internationale gemeenschap in Parijs een bindend klimaatakkoord met als doel de opwarming van de aarde aan het einde van de eeuw onder 2 °C, zo mogelijk onder de 1,5 °C te houden. Alle naties die het akkoord 10 jaar geleden hebben ondertekend, hebben zich ertoe verbonden een ambitieus klimaatbeleid te voeren en proactief de uitstoot van broeikasgassen te verminderen.

Als bezorgde ouderen moeten we echter samen met de wetenschap vaststellen dat geen afdoende maatregelen worden genomen om het afgesproken doel te bereiken.

10 jaar na het klimaatakkoord van Parijs is de toestand alleen maar kritieker geworden. Bosbranden, overstromingen, droogtes en hittegolven treffen ons vaker en heviger, met schade voor al het leven op de planeet en met veel menselijke slachtoffers. We zijn op het punt gekomen dat de klimaatcrisis en de dramatische achteruitgang van de biodiversiteit (het uitsterven van veel levensvormen) bij de belangrijkste bedreigingen  moeten gerekend worden voor het voortbestaan van de mens als soort.

Tijd om de alarmbel te luiden. We kondigen het klimaatalarm af om politici, ondernemers en burgers in België en Vlaanderen te wijzen op hun verantwoordelijkheid tegenover mens, natuur, de aarde en toekomstige generaties. De mens staat niet boven de natuur.

Het is de hoogste tijd om goede voorouders te zijn en de nodige acties te ondernemen zodat de planeet ook leefbaar blijft voor de volgende generaties.

 

De rol van België en Vlaanderen

België heeft zich op nationaal, Europees en internationaal niveau geëngageerd om zijn uitstoot van broeikasgassen te beperken en zijn burgers te beschermen tegen de gevolgen van de klimaatcrisis. Er zijn al inspanningen geleverd om de uitstoot te verminderen. Zo is tussen 1990 en 2022 de uitstoot in België gedaald met 28%, maar dat is lang niet genoeg om de korte- en langetermijndoelstellingen te halen.

Op korte termijn dient België de volgende doelstellingen te halen:

  • Tegen 2030 de emissies van de sectoren die onder de Europese Effort Sharing Regulation (ESR) vallen (zoals gebouwen, vervoer, landbouw, kleinschalige industrie en afvalbeheer) met 47% verminderen ten opzichte van 2005
  • Tegen 2030 de natuurlijke koolstofopslag op het grondgebied verhogen tot 1,35 megaton CO2
  • Tegen 2030 de emissies van de ETS-sectoren, d.w.z. industrie en energieproductie, verminderen met 62% ten opzichte van 2005.

Op lange termijn heeft de Europese Unie zich verbonden tot klimaatneutraliteit tegen 2050.

België is op dit moment volgens zijn eigen transitiebarometer, ongeacht de berekeningsmethode, niet op weg om alle hierboven genoemde doelstellingen te behalen. Sterker nog, de natuurlijke koolstofopslag op het Belgisch grondgebied neemt af.

 

Wat willen wij?

Grootouders voor het Klimaat ijvert voor een duurzame samenleving die de draagkracht van de planeet respecteert. Op hetzelfde spoor verder rijden kan niet langer. Daarom trekken we aan de alarmbel en vragen we aan de beleidsverantwoordelijken dat België en Vlaanderen samenwerken om de klimaatcrisis te bedwingen door een ambitieus plan uit te werken voor de transitie naar een groene economie. Die groene transitie moet recht— vaardig zijn, waarbij de meest kwetsbaren worden beschermd tegen de gevolgen van de klimaatcrisis, zowel hier als in het Globale Zuiden.

Kortom, wij vragen de federale en Vlaamse regering om het Akkoord van Parijs te respecteren en het arrest uit 2023 in de Klimaatzaak na te komen.

Het overgrote deel van de broeikasgasuitstoot in België komt uit 5 sectoren: industrie, transport, verwarming van gebouwen, energieproductie en landbouw. Op basis daarvan hebben wij enkele beleidsaanbevelingen geformuleerd die de transitie naar een duurzame samenleving kunnen versnellen.

 

  1. Maak openbaar vervoer de aantrekkelijkste optie door massaal te investeren in trein, bus en tram. Reken de gebruikers van vliegverkeer de reële ecologische kosten aan.

    Binnenlands vervoer is verantwoordelijk voor 23% van de totale uitstoot in België. Bijna heel deze uitstoot komt van wegverkeer (96%), waarvan meer dan de helft personenauto’s. Maak daarom van het openbaar vervoer een aantrekkelijke, betaalbare optie voor iedereen. Maak de trein ook aantrekkelijker dan vliegen, zeker op Europese schaal, en versnel de lang bepleite modal shift van vrachtvervoer over de weg naar trein en binnenvaart.

  2. Investeer in de renovatie van het woningenbestand, met speciale aandacht voor sociale woningen en gebouwen waarin kwetsbare burgers wonen.

    17% van de totale uitstoot in België is afkomstig van gebouwen, waarvan het merendeel komt van residentiële gebouwen. Dat de klimaatcrisis extremere weersomstandigheden veroorzaakt, maakt het nog belangrijker huizen te isoleren en te renoveren, met bijzondere aandacht voor kwetsbare burgers.

  3. Stop de verharding en de teloorgang van Vlaamse bossen. Stimuleer de groei van bestaande en nieuwe bossen en natuurgebieden. Investeer in bomen en groen in woongebieden. Neem de bescherming van de oceaan ter harte.

    De natuurlijke koolstofopvang van België daalt jaar na jaar. Dat is niet aanvaardbaar.
    Bomen, water en natte graslanden zijn broodnodige publieke infrastructuur. Ze nemen CO₂ op en ze geven in stedelijke kernen koelte in de steeds warmere zomers. Ze zijn belangrijk voor onze gezondheid en voor de biodiversiteit. Bomen, bossen en natuurgebieden moeten we beschermen en laten groeien. De oceaan en de zeeën moeten we beter beschermen: ze nemen het grootste deel van de CO2-opslag voor hun rekening.

  4. Stop de steun voor fossiele brandstoffen, werk een hoognodig programma uit voor energiebesparing en investeer in een snelle, ambitieuze en rechtvaardige transitie naar hernieuwbare energie.

    Energieopwekking is verantwoordelijk voor 18% van de uitstoot in België. Hoewel de emissies van de energieproductiesector in 2022 38% lager waren dan in 1990, verloopt de transitie naar hernieuwbare energie te traag. Als we het huidige tempo aanhouden, zal in 2050 60% van de elektriciteit van hernieuwbare oorsprong zijn. Dat blijft ver onder de vereiste 80% (met nucleair) of 100%.

 

Bernard Hubeau, co-voorzitter Grootouders voor het Klimaat
Magda De Meyer, voorzitter Vlaamse Ouderenraad
Mieke Van Nuland, voorzitter OKRA
Leona Detiège, voorzitter S-plus
Mieke Vogels, voorzitter GroenPlus

251121_Klimaatalarm_logo_verenigingen.jpg