20 nov 2019

Het betoog van Jos Geyels

Het betoog van Jos Geysels werd gevoed vanuit vier trefwoorden: Verwondering, Verontrusting, Verontwaardiging en Hoop.

Wat verwondering betreft: In de jaren 2005 en 2006 was er een betere verdeling van de rijkdom in dit land vast te stellen. De groep armen, mensen die slechts beschikken over 60% tot 80% van het mediane inkomen (vandaag tot 1187 euro), konden in die periode hoger op geraken (opwaartse mobiliteit). Het was een periode waarin al maar meer mensen een eigen huis konden kopen. Die trend is volledig gekeerd. Belgen worden gemiddeld rijker, maar de armoede daalt niet, integendeel. Denken we maar aan de kinderarmoede, die is in Vlaanderen de laatste 10 jaar gestegen en bedraagt nu 14%. Een andere vaststelling is dat je in dit land niet rijker wordt door een inkomen uit arbeid, maar eerder door niet te werken (te beleggen). De 5% rijkste Belgen bezitten evenveel als de 75% armste Belgen. De welvaartsvastheid dan de sociale minima bestaat niet meer. Het pamflet ( en de statistieken in de powerpoint) geeft een goede basis van gegevens om dit aan te tonen.

Maar, als we kijken naar wat er vandaag gebeurt op bv het Vlaamse beleidsniveau, dan zijn we eg verontrust. "Vlaanderen heeft zowat het slechtste regeerakkoord ooit geschreven." aldus Jos. Zo zijn er trucs om de slechte cijfers rond armoede op te smukken. "Echte armoede" wordt opnieuw gedefinieerd is door te downsizen.  Vervolgens zijn de doelstelling om die armoede af te bouwen of te verminderen, gewoon weggelaten. Dat gebeurt ook met het thema klimaat. We kunnen de internationale doelstellingen niet meer halen, dan is het ook niet nodig meer om er doelstelling aan te koppelen. Weg is het probleem. Wat ons het ergst verontrust is de volgehouden redenering van de economische groei. Iedereen kent die als : "we moeten de koek groter maken, dan kan er meer verdeeld worden". Het blijkt een leugen te zijn. Ondanks de groter wordende taart heeft één belg op de zeven geen levenswaardig inkomen. En heeft één op de drie mensen het moeilijk. 

Zo komen we bij de verontwaardiging. Niet alleen over de grenzen is er fake news. Die bestaat ook bij ons. Denken we maar aan uitspraken zoals: "de leefloners (en lees dan ook ; de migranten,…) vormen het probleem". Nochtans vertegenwoordigen ze maar 10% van het aantal armen. Armen vind je vooral bij werkende armen, gepensioneerden, invaliden, kleine zelfstandigen, alleenstaande moeders met kinderen. En dat zijn voornamelijk gewone Belgen. Je hoort ook andere uitspraken zoals "eigen schuld, je moet maar gaan werken" of " je bent zelf verantwoordelijk om je leven op het goede spoor bezetten". Deze framing om een modern woord te gebruiken, creëert perverse effecten. Zo brengt de degressiviteitsregel voor werkloosheidsuitkeringen (hoe langer werkloos, hoe minder dop) mensen naar de OCMW voor een leefloon. Het lijkt wel of het optimisme voor de mensen die het moeilijk hebben weg is. Er is veel onzekerheid. Jongeren zullen geen eigen huis meer kunnen betalen, geen auto hebben, geen gelijk pensioen. Zo wordt armoede het zwarte gat waarin de beschaving en de democratie verdwijnt.

Is er dan geen hoop? Toch wel. Armoede werd in de laatste legislaturen in de marge behandeld. Inderdaad bestond armoede, maar dat zou opgelost worden met een aantal ingrepen en tegemoetkomingen. Nu is en wordt armoede meer en meer een hot issue. Het is bovenaan in de lijst van de samenlevingsproblemen komen te staan. Waar vroeger de middenklasse het er niet over had, is er nu een bewustzijn. De confrontatie met armoede komt dichterbij. Iedereen kent wel armoedesituaties. Dat hoor je ook bij het middenveld. Ook bij hen is er een ongerustheid, een terechte bezorgdheid en een verontwaardiging. Armoede is opnieuw een politiek thema. Er moet iets rond gebeuren. Als het op de agenda komt worden enkele politieke partijen er "ambetant" van. De mensen verwachten antwoorden.

Dat armoede ook binnen het klimaatdebat moet behandeld worden is duidelijk. Groene klimaatmaatregels moeten de facto rechtvaardig zijn. Een armoedetoets in die maatregelen moet er absoluut komen. Het zijn de armen die het meest te lijden hebben van de CO2 in de overbevolkte steden.

 

Tussenkomst Ann de Martelaere (wat kan het parlement doen? )

Vooreerst roept Ann de deelnemers en leden van Groen op om haar parlementair werk rond het thema armoede te voeden met vragen en concrete problemen vanuit GroenPlus. Het is waar dat de sfeer in het parlement wat grimmiger is geworden. Ook bij andere partijen zijn er parlementairen die willen samenwerken rond armoedebestrijding.

Vervolgens somt ze een aantal punten op die ze bovenaan heeft staan op haar armoede-lijstje:

-       De verontwaardiging die bij de bevolking bestaat moet naar het

        parlement vertaald worden

-       Zorgpremies moeten beter

-       Betaalbaar wonen is de sleutel voor armoedebestrijding.

-       Mobiliteitsarmoede moet aangepakt worden

-       Max factuur zorg is een must

-       Het verlies van autonomie bij 80+ is een groter wordend probleem.

-       Een Ouderrechten commissariaat (naar analogie vanher kinderrechten

        commissariaat) is nodig.

 

Tussenkomst Joost Fillet – Wat kan het lokaal beleid doen?

Joost wees er op dat niet alle oplossingen van nationaal of federaal moeten komen. Heel wat kleine maar zeer belangrijke en soms creatieve ingrepen of maatregelen kunnen op lokaal niveau, in de gemeente, worden genomen. Hij somde een aantal voorbeelden op vanuit zijn praktijk en ervaring. Maar hij wees er ook op dat de Groene lokale mandatarissen heel wat vaardigheden ontwikkelen met de vele mandatarissen, schepenen en gemeenteraadsleden.

 

  • De sociale huisvesting is een moeilijke materie. Er zijn grote hinderpalen zoals de doorlooptijd van dossiers sociale woningbouw (ca 7 jaar), de vergadering van beleidsploegen (die dingen weer afschaft), veranderende regelgeving en wetten. Toch zijn er ook andere instrumenten die een woningbeleid kunnen sturen zoals: het grond- en pandenbeleid, een impact op de sociale verhuurkantoren. Waarom niet denken aan de huurtoelage?
  • Op het vlak van integratie kan er ook gehandeld worden. Denken we maar aan het PWA-systeem (arbeidsintegratie is maatschappelijk integratie). En de OCMW kan uitsluitingsdossiers voorkomen of met meer zorg behandelen.
  • Met de scholen kan er afgesproken worden om een soort meldpunt op te zetten voor kinderen met een moeilijk gedrag. Immers kan dat iets over de thuissituatie zeggen. Schoolmaaltijden ? of de campagne Lege brooddozen.

 

 

 

Kris Fierens - Marja De Peuter.

Reacties

Vennligst sjekk din e-post og klikk på lenken for å bekrefte din nye e-postadresse.