Home | Het weerstandsvermogen van de
federale democratie lettergrootte aanpassen
Het weerstandsvermogen
van de federale democratie
Verschillen en democratie
De democratie werd uitgevonden omdat er
verschillen zijn. Waren er geen verschillen en deden en wilden we
allen hetzelfde, dan was er aan democratie geen behoefte. Sinds
de Griekse stadsstaten stellen we het tellen van koppen boven het
snellen ervan. De voorkeur gaat naar het geweldloos omgaan met
verschillen en geschillen. Beschaafde volkeren doen dit met
succes. Democratische staten kunnen tal van verschillen tussen
burgers en bevolkingsgroepen verwerken en te boven komen :
verschillen in mentaliteit, cultuur, taal, religie, ras,
geaardheid, welstand, politieke opvattingenn, ambities, enz...
Wat geldt voor de democratie in het algemeen, geldt nog meer voor
een federale democratie.
Vraag is echter of er verschillen zijn die een democratie niet
kan te boven komen. Bestaan er verschillen waarmee ze niet kan
leven, die ze niet kan
" verteren "?
Het antwoord ligt voor de hand. Een democratisch systeem kan niet
leven met burgers en bevolkingsgroepen die de wetten en
spelregels niet eerbiedingen en overgaan tot
geweldaanwending.
Vele andere verschillen, ook deze waarvan het belang door menners
opgeklopt wordt kan een normale, en a fortiori een federale
democratie, wel aan.
Een klassieke democratie beschikt immers over een veelheid aan
aanpassings-, opvang- en overbrugingssmogelijkheden.
Problemen kunnen worden opgelost door de rechterlijke macht of
bij wet, (gestemd met eenvoudige of bijzondere meerderheid).
Bestaande wetten kunnen worden geïnterpreteerd en
geamendeerd. Afwijkingen en uitzonderingen kunnen worden
voorzien. Bepalingen kunnen worden gedifferentieerd.
Om met verschillende wensen en toestanden rekening te houden
kunnen machten en bevoegdheden worden gedecentraliseerd. De
centrale overheid kan overgaan tot de deconcentratie van sommigen
van haar taken en verantwoordelijkheden. De democratie kan
gefederaliseerd worden. In een normale democratische federatie
worden bevoegdheids- of belangenconflicten beslecht door een
hogere democratische ( een federaal parlement ) of juridische
instantie ( een Grondwettelijk Hof ).
De democratische eenheid wordt gewaarborgd door een
normenhiërarchie ( Bundesrecht bricht Landesrecht )
.
Verschillen in de Belgische federale democratie
De vraag is waarom de Belgische
democratie, de Belgische federale democratie, het zo moeilijk
heeft met de verschillen tussen haar deelgebieden en de
spanningen die daaruit voortvloeien.
De Belgische democratie kan blijkbaar de problemen niet aan, Ze
dreigt zelfs te imploderen.
De problemen voortvloeiend uit de verschillen tussen de
deelgebieden zouden in principe kunnen worden geregeld door
aanwending van de hierboven opgesomde middelen. Dit gebeurt
echter niet.
De Belgische federale democratie regelt de verschillen niet, het
zijn de verschillen die de federale democratie regelen,
hervormen, aanpassen, splitsen. De federale democratie is steeds
minder een garantie voor het voortbestaan van België. Men
mag zelfs zeggen dat de federale tweetalige democratie maar echt
diensten bewijst en bijdraagt tot het oplossen van de problemen,
als ze in haar eigen vlees snijdt en overgaat tot het inleveren
van stukken federale tweetalige democratische macht.
In andere federale staten moet men niet zover gaan. Daar kunnen
de rechterlijke en wetgevende machten de problemen oplossen
zonder dat de federale staat zich moet uitkleden of ophouden te
bestaan.
Om federale regeringen in België te laten functioneren ( om
tot regeerakkoorden te komen ) moet de federale staat vaak
afstand doen van machten en aanvaarden dat de problemen niet meer
geregeld worden op federaal niveau maar op regionaal vlak in
eentalige beslissingsystemen ( Brussel blijft tweetalig ) en dat
de taalgrensoverschrijdende problemen ( die blijven bestaan ) het
voorwerp worden van diplomatieke negotiaties tussen de excutieven
van de regio's ( achter gesloten deuren ) en hun beslag vinden (
buiten de parlementaire democratie ) in protocollen en
Samenwerkingsakkoorden, waarop de de parlementen en hun leden
praktisch geen greep hebben. Dit betekent minder inspraak voor de
burgers, groter democratisch deficit en verschrompeling van het
politieke leven. Niet te vergeten is dat het Belgisch federalisme
een coöperatief federalisme is en dat elke bevoegdheid
afgestaan aan de Gewesten of Gemeenschappen een exclusieve
bevoegdheid wordt waarover de federale staat niets meer te zeggen
heeft omdat België geen normenhiërarchie kent. ( cf.
bevoegheid over de gemeenten, de geluidsnormen.... ) Een verdere
confederalisering zal ook leiden tot de splitsing van de SZ en
een einde maken aan de interpersonele sociale solidariteit.
Vergelijken we dit falen met de ontwikkeling in de EU. In de EU
bestaat de wil aan het meertalige parlement zoveel mogelijk
bevoegdheidsdomeinen toe te vertrouwen. In België zo weinig
mogelijk.
Het vandaag dreigende communautaire conflict kan leiden tot een
nederlaag voor de democratie, meer dan tot een nederlaag voor de
Staat België, waarvan de Grondwet door velen beschouwd werd
als een voorbeeld voor andere landen, ook al voorzag ze niet in
een Grondwettelijk hof.
Op de keper beschouwd betekent het aanhoudende conflict dat
Vlamingen niet meer geloven samen met Walen en Brusselaars aan
waarheidsvinding, waardebepaling en regelgeving te kunnen doen.
Dit is dus het tegenovergestelde van wat zich voordoet in het
Europees Parlement waar parlementsleden van 27 landen samen
spreken en discussiëren over wetten en richtlijnen en elkaar
wel betrouwbaar en bekwaam achten.
Redenen voor het falen van de federale democratie
Vraag. Waarom dreigt de Belgische
meertalige federale democratie met haar vreedzame welstellende
bevolking na al die jaren ( sinds 1830 ) van samenleven, na al
die aanpassingen van de Grondwet en de instellingen, met haar
federale vak- en landsbonden van verzekeringsinstellingen,
uiteindelijk toch te imploderen en uiteen te vallen? Waarom
kunnen elke week nieuwe verschillen tussen Vlaanderen en
Franstalig België aangehaald worden als argument om voor de
andere zijde onaanvaardbare eisen te stellen.
Waarom laat de Begische federale democratie met haar
compromisvaardige, vindingrijke, verstandige politici, die wetten
en afspraken eerbiedigen, het afweten? Er heersen bij ons geen
toestanden vergelijkbaar met deze tussen Israel en Palestina,
tussen Spanje en Baskenland, tussen de deelgebieden van
ex-Joegoslaviê. De mensen zijn bijna nooit vragende partij.
Ze komen niet op straat om splitsingen te eisen. Ze deden het
niet voor de regionalisering van landbouw, het milieubeleid,
buitenlandse handel, ontwikkelingssamenwerking,
gemeentepolitiek... Ze doen het niet voor de splitsing van de
huurwetgeving, het arbeidsmarktbeleid en de verkeersveiligheid.
Ze deden het wel voor Leuven Vlaams. Heel vaak zijn de betrokken
sectoren niet gelukkig met de door politici voorgestelde
defederaliseringen. Nog nooit is de welstand zo groot geweest en
het zijn de verkozenen van het rijkste landsgedeelte - het werd
rijk onder Belgisch bestuur - die de meeste stappen zetten in de
richting van afscheiding. Politici en andere leiders spreken
agressieve taal, kweken gevoelens van wantrouwen en afkeer, maar
de mensen blijven rustig. Een wonder?
Waarom moet deze federale staat verdwijnen of verder
geconfederaliseerd worden, wat op hetzelfde neerkomt. Is het
omdat het land tweeledig is en federalisme meerledigheid nodig
heeft om een crisscrossing of conflicts toe te laten? Is het
omdat de universalistische partijen zich hebben laten opsplitsen
op taalbasis? Is het omdat er geen partijen meer zijn die door
hun structuur verplicht zijn de problemen te zien in nationale en
federale termen? Is het omdat sommigen van in het begin niet
wilden weten van een normenhiërarchie die van elke federatie
een democratie maakt omdat ze aan de burgers en hun
vertegenwoordigers het laatste woord geeft? Is het omdat elke
regering streeft naar machtsuitbreiding ook onze drie regionale
en drie communautaire regeringen? Is het omdat we ons hebben
laten meesleuren in de dialectiek van de homogene
bevoegdheidspakketten? Bepaalde splitsingen worden geeist niet
omdat ze op zichzelf wenselijk zijn, maar om consequent te zijn
en coherentie met voorgaande splitsingen te bewerkstellingen .
Bus- en tramverkeer werd geregionaliseerd, het treinverkeer moet
daarop afgestemd worden. De preventieve geneeskunde werd in grote
mate gecommunautariseerd. Voor een coherent beleid moet de
curatieve geneeskunde volgen. Vorige hervormingen wettigen
nieuwe. Faalt het Belgisch democratisch federalisme omdat
politici, behorend tot universalistische partijen, niet kunnen
optornen tegen de argumenten van de middelpuntvliedende krachten?
Is het omdat de middelpuntvliedende krachten beschikken over
partijen die stemmen en getrouwheidsbeloften verzamelen en aan
machtsvorming doen? Is het omdat de middelpunt-zoekende
bewegingen niet over de nodige argumenten en zeggingskracht
beschikken? Is het omdat de EU en de bovennationale economische
machten zoveel beslissen dat er voor de nationale en regionale
politiek steeds minder overblijft en de aandacht kan gaan naar
het hervormen van instellingen? Is de oorzaak welstand en
verveling? Mensen hebben behoefte aan tegenstanders om hun
identiteit te beleven? Ligt de oorzaak bij de leiders van de
nationalistische partijen, hun welsprekendheid, hun
organisatietalent, de verleidelijke eenvoud van hun boodschap?
Het ontbreken van kritische weerstand? Is een verklaring te
vinden in de faciliteit waarmee politieke fronten gevormd worden
op taalbasis ( gemakkelijker dan op basis van ideeën ) en de
tendens aan beide kanten als agressief gepercipiëerde
handelingen te beantwoorden met agressiviteit waardoor ze elkaars
agressiviteit voeden en blijven rechtvaardigen? Zijn er nog
andere redenen?
Democraten moeten nadenken want de verantwoordelijkheid is
Europees en grensoverschrijdend.